De klassieke spelen

Wie vals startte kreeg stokslagen

Bij de antieke spelen was veel, heel veel anders. In de Griekse Oudheid was aanvankelijk zelfs slechts sprake van één discipline: hardlopen. De grootste held was toen Leonidas van Rhodos

Leonidas
De deelnemers legden 192,27 meter af - 600 keer de lengte van de goddelijke voet van Hercules. ,,Heeft Perikles nou het stadion gelopen of gezeten? Niemand die het weet. O heilige traagheid! 't Geluid van het vallende starttouw weerklonk nog in de oren en daar werd al een ander gekranst. Maar Perikles was nog geen vinger opgeschoten.'' (anoniem spotepigram, 86 n. Chr.). De grootste atleet uit de klassieke geschiedenis: Leonidas van Rhodos. 'Met de snelheid van God' won Leonidas van 164 tot 152 v. Chr. op vier opeenvolgende Olympische Spelen alle drie looponderdelen, de Stadion, de Diaulos en de Dolichos. Twee dingen waren daarbij bijzonder. Leonidas behield twaalf jaar lang de conditie om zijn concurrenten te verslaan. En de drie onderdelen vonden op dezelfde dag plaats. Leonidas werd beschouwd als lokale godheid. Hij paarde snelheid aan duurvermogen.

De verschillende looponderdelen
De Stadion, op de eerste dertien Olympische Spelen het enige onderdeel, mat in Olympia 192.4 meter (het meetbegrip voet was in Griekenland rekbaar, afstanden varieerden per plaats). De Diaulos was tweemaal de lengte van een stadion; de Dolichos was afhankelijk van plaats en periode zeven tot 24 stadia.
Lopen of Dromos stond bij de Grieken in hoog aanzien. In de mythologie werden goden, halfgoden en helden wel eens bedacht met kwaliteiten die hen associeerden met hardlopen. Ziet de recente B-film Troy, waarin Achilles (Brad Pitt) zijn triomfen in oorlogen mede dankt aan een fenomenaal loopvermogen. Lopen was een belangrijk onderdeel in de opvoeding en opleiding van jongens, belangrijk als die kwaliteit was voor de jacht en militaire acties. Looptraining was dus niet zozeer sport. In 540 v. Chr. kwam de Hoplitodromos of militaire loop op het programma. De deelnemers droegen over de afstand van twee stadia helm, schild en beenbeschermers. De marathon of estafettes kwamen nooit op de klassieke Spelen voor. Gestart werd in licht voorovergebogen houding, in het zand en later met behulp van stenen als startblokken. Op trompetgeschal of de uitroep Apite van een heraut begon de race. Ook werd gebruikgemaakt van starthekjes die met touwen werden bediend. Wie vals startte, werd terechtgewezen of kreeg stokslagen.

De duur van de spelen
Na één dag waren de antieke Spelen alweer voorbij. Nu, 2780 jaar later in het moderne Athene, duren ze 17 dagen en strijden toppers uit 28 takken van sport in 37 varianten om goud, zilver en brons. Niet alleen de omvang, ook de aard van het festijn is in de loop der jaren drastisch veranderd. Ooit golden de Spelen als ritueel ter ere van de Griekse oppergod Zeus, wonend op de berg Olympus. Tegenwoordig worden uitsluitend nog offers gebracht aan de commercie. De sponsors zijn de nieuwe goden.Toen de Spelen eenmaal een vijfdaags karakter hadden gekregen, ging meer dan de helft van de tijd op aan religieuze activiteiten. Hoogtepunt van een van de Olympische dagen was een processie van sporters, trainers en juryleden naar het altaar van Zeus, waar 100 ossen werden geofferd. Daarna volgde een feestmaaltijd.

Meer dan sport
De sport - inclusief het spectaculaire paarden- en wagenrennen - kwam op de tweede plaats, zo leek het. Toch vochten de deelnemers op de antieke Spelen, soms letterlijk, op leven en dood.Alleen de winnaars ontvingen een prijs, een krans van olijftakken. Ze mochten bovendien een standbeeld van zichzelf laten plaatsen in Olympia. Alleen drievoudige kampioenen hadden recht op een gelijkend exemplaar. Verschil moest er zijn.Wie in het huidige Olympische tijdperk goud wint, kan in veel opzichten oogsten. Ook vroeger wenkte voor de succesrijkste deelnemers een florissant toekomstperspectief. Ze hadden recht op een feestelijke intocht in hun woonplaats, gratis maaltijden met stadsbestuurders, vrijstelling van bepaalde belastingen en in veel gevallen een levenslange uitkering. Bij de moderne Spelen zijn in de vorige eeuw deelnemers om minder uitgesloten wegens het overtreden van de amateurregels.

De roede
Alleen Grieken (en dan uitsluitend mannen) waren welkom op de oorspronkelijke Spelen. Die etnische zuiverheid werd consequent bewaakt door de Hellanodikai, tien juryleden die ook de organisatie, arbitrage en - gewapend met zweepjes - de ordehandhaving op zich namen. Ze zagen er op toe dat kandidaat-deelnemers zich een maand voor het begin verzamelden om te trainen. Alleen de allerbesten kwalificeerden zich. Vanaf 720 voor Christus dienden de bevoorrechten naakt en blootsvoets in het strijdperk te treden in het heilige Olympia. En wie een valse start veroorzaakte, kreeg met de roede.De Spelen hebben vanaf de oorsprong een magische aantrekkingskracht gehad op sporters én toeschouwers. Dat illustreert een inscriptie die werd ontdekt op het graf van een gewone bakker: Caecilius, de bakker, ik lig hier dood, maar ik heb twaalf keer de stadions in Olympia bezocht.

Revival
Het publiek wilde vermaakt worden, eiste zweet, bloed en tranen - vooral steeds meer bloed. Gevechten met wilde dieren werden aan het programma toegevoegd. De Spelen dreigden te ontsporen. Tot ergernis van de Romeinse keizer Theodosius I, een christen die in 393 de banvloek uitsprak. Hij vreesde dat de vierjaarlijkse samenkomst van sporters zou uitdraaien op heidense bacchanalen. Bovendien leidde al het lichamelijke maar af van hogere idealen.Dankzij de Fransman Pierre de Coubertin beleefden de Olympische Spelen in 1896 hun revival. Met Athene als eerste standplaats. Nu is het grootste sportevenement terug in de Griekse hoofdstad.

© Trouw/AD

 

5-9-2004 13:29:48 dehardloopkrant.nl ®


© maart 2000. Dit is een product van Running&Sound
info@sportpresentatie.nl