
Jones en haar roots.
Marion
Jones voelt zich half Amerikaanse, half Beliziaanse
Als een atleet van Belize achter in de zaal waar de
persconferentie plaatsvindt een kleine nationale vlag van dat Midden-Amerikaanse
staatje omhoog houdt, krijgt Marion Jones het bijna even te kwaad. Met dat
dundoekje heeft ze een uur eerder nog de ereronde gelopen in het Olympisch
Stadion nadat ze op de 100 meter sprint met overmacht haar eerste gouden
medaille heeft gepakt.
'Mijn moeder komt van Belize', zegt Jones. 'Ik heb in dat land ontzettend veel supporters. Mijn moeder zat in het stadion. Naast mijn broer, een oom en drie neven van me. Direct na de finish zocht ik ze op. Want aan hen heb ik alles te danken. Negentien jaar heb ik van deze race gedroomd. En zij waren er van het begin af aan bij. Zij hebben me altijd gesteund. Daarom vond ik dat ik niet alleen de Amerikaanse vlag moest dragen, maar ook die van Belize. Als eerbetoon aan mijn familie.'
Daar zit ze dan. De vrouw die hier in Sydney voorbestemd is om de grootste
atlete aller tijden te worden. Als eerste in de olympische geschiedenis zet
Jones in op vijf gouden medailles. Met het goud op de sprint is de kop er af.
Nee, ze is niet opgelucht. 'Dat vind ik de verkeerde woordkeuze voor het gevoel
dat ik nu heb. Dit is de mooiste tijd van mijn leven. Mijn grootste doel ligt
hier in Sydney. Vijf keer goud. Daar ga ik voor. Maar vind je het erg als ik
daar nu even niet aan denk? Laat me even genieten van deze eerste.'
Ze lijkt de daad bij het woord te voegen. Tijdens een korte stilte die valt tussen al die vragen die op haar afgevuurd worden - zilveren-medaillewinnares Ekaterini uit Griekenland en de Jamaïcaanse Tanya Lawrence met brons zullen zich afvragen waarom ze er eigenlijk bij zijn komen zitten - droomt Jones schijnbaar even weg naar de mooiste honderd meters die ze ooit heeft afgelegd. Begeleid door een orkaan van geluid uit de kelen van 110.000 toeschouwers en onder het flitslicht van duizenden fototoestellen huppelde ze na 10,75 seconden over de finishlijn. Aangekomen bij haar familie kwamen alle emoties eruit.
Want haar bloedverwanten zijn haar alles. Haar moeder Marion Toler, een immigrante uit Belize, scheidde al vroeg van haar man, voedde Marion - na de dood van haar tweede echtgenoot - bijna in haar eentje op en hielp haar dochter waar ze maar kon met haar sportcarrière. Haar oudere halfbroer Albert Kelly was lang haar grote sportidool. Elke sport die hij beoefende wilde ze ook doen. En het liefst beter.De herinneringen aan die begintijd, gecombineerd met al die hoge verwachtingen die aan haar eerste optreden in Sydney kleefden, zorgde direct na de finish voor een enorme ontroering bij Jones. 'Jullie hebben geen idee onder wat voor een druk ik gestaan heb', verklaarde ze de geplengde tranen. 'Dit was een finale met de acht snelste vrouwen ter wereld. Hier moest het gebeuren. Daar heb ik vannacht wakker van gelegen.'
Tot ongenoegen van haar man CJ Hunter (de Amerikaanse kogelstoter, die volgens de geruchten onlangs positief is bevonden en daarom niet deelneemt in Sydney) die geopperd had om de ogen eens dicht te doen. 'Dat deed ik ook, maar het wilde gewoon niet lukken', lachte ze de avond na de doorwaakte nacht.
© Gelderlander.© maart 2000. Dit is een product
van Running&Sound
RunningSound@hetnet.nl