Partner headliner.nl  donderdag 20 juni 2013 Inloggen / Home
Inschrijven Vredesloop Den Haag Inschrijving voor de Utregse Meidenloop
   Aanmelden / Inloggen Colofon Contact Fysiek Wedstrijd Aanmelden Home Inschrijven Videos Nieuws Ranglijsten Headlines Fotos Vragen






User Opties
 
Print dit artikel
print
 
Reageer op dit artikel
reageer
 
Mail dit artikel
mail
 

 
Schematrouw of schematrauma.   Door Jitze Weber Geplaatst op:
2011-11-29 19:39



Door Jitze Weber

De afgelopen twintig jaar heb ik behalve voor mezelf, ook voor anderen aardig wat trainingen in een schema verwerkt. De gebruikelijke inhouden, netjes in balans met de aan training verbonden hersteltijden, doelgericht en op maat met oog voor het individu. Ik ben een beetje geobsedeerd door inspanningsfysiologie. Het bouwen van een schema was dan ook jarenlang een hobby waar ik me als trainer heerlijk op kon uitleven. Het maakte me nooit veel uit voor wie ik een schema maakte. Elke training was interessant om te ontwerpen omdat elk individu een andere benadering van training vraagt. Hoe hoger het niveau, hoe groter de individuele verschillen in de training. Dat is een wetmatigheid die eigenlijk vanzelf spreekt. Talent is in de topsport doorslaggevend, in de subtop van bovenmodale betekenis maar in de achterhoede speelt het een bijrol in het feest dat iedere hardloper door zijn lijf voelt stromen, zodra hij met zijn sport bezig is. Kunnen lopen is meestal wel genoeg om genoeglijk te leren hardlopen. Als dat hardlopen echt zo prettig blijkt te zijn dat iemand doelen begint te stellen, dan komt de theorie in beeld. Theorie is voor veel hardlopers een vervelende bijzaak. Je wilt gewoon even weg uit de sleur, lekker lopen. Niks mis mee, dat kun je een leven lang blijven doen als je de spelregels van het heel blijven niet al te grof overtreedt met te veel ineens, ongetraind veel te hard of een wel erg slechte leefstijl. Er zijn niet alleen veel wegen naar Rome, er kan ook nog heel verschillend van die wegen gebruik worden gemaakt. De laatste toevoeging aan een loopschema was bij mij altijd een richtpercentage van de training wat naar mijn idee door moest gaan om het doel te halen. Meestal hield ik het op 80% van de totale trainingsinhoud. Sprinters wat lager, langeafstandslopers wat hoger. Ten slotte kun je van iets minder trainen wel sneller worden, maar kom je er meestal niet verder mee. Die 80% is natuurlijk een gevoelskwestie met handvaten. Zelfs wie alleen duurlopen op hetzelfde tempo traint, kan niet simpel 80% van de tijd als minimumnorm hanteren omdat ook binnen een trainingsstructuur zonder tempovariatie korte trainingen een andere impact hebben dan lange trainingen. Dat snelheidstraining binnen het geheel wat meer aantelt lijkt me ook vanzelfsprekend. Je moet ook niet een bepaald soort training systematisch overslaan. De interpretatie van het logboek is dan ook geen simpele deling, maar iets waar veel meer bij meespeelt dan de kale hoeveelheid training op papier. Schematrouw is iets wat wel belangrijk is, maar zeker geen letterlijk te nemen voorwaarde om tot resultaat te komen. Al zijn hardlopers junks, ze kunnen het vaak nog redelijk in de hand houden en wie dat niet kan zal kwaadschiks merken waar de grenzen liggen. De ware junk sprokkelt op een ongelukkig moment nog snel even een paar kilometers bij elkaar om het gewenste trainingsweekvolume te halen. Meestal resulteert dat in een slechte maandag, ook buiten de training.

Schematrouw verandert in een schematrauma door zowel over- als onderbelasting. Bij fysieke overbelasting manifesteert het zich in de bekende vormen van overtraining. Soms wordt er bij ziekte doorgetraind. Soms is de zieke loper in staat uit te zieken om vervolgens de gemiste trainingen stiekem in te halen. Dat kan dan weer tot nieuwe problemen leiden. Once in a lifetime zijn de persoonlijke omstandigheden te beperkend om normaal te trainen met inachtneming van de randvoorwaarden. De training gaat door, er wordt te weinig gerust, niet goed gegeten en stress alom zodra de schoenen uit zijn. Op hoger niveau is een relatieve rustweek vaak een hele opgave. Het welzijn is zo met de training vervlochten, dat rust eerder als belastend wordt ervaren dan hardlopen. Rusten wordt dan een probleem omdat hardlopen fysieke rust opeist om te herstellen, terwijl stoppen met hardlopen bij veellopers de cortisolspiegel opjaagt en dat onfrisse mixje kan tot het ultieme verslavingsmoment leiden. Je slijt jezelf op om je "goed" te voelen, maar wat je ook doet of laat, het voelt nooit meer goed. Dat is wel een moment om het verstand even boven het gevoel te plaatsen en hulp te zoeken. Het schematrauma ten gevolge van onderbelasting is voor een hardloper meestal een gevolg van slecht management van de beschikbare tijd. De stemmetjes in je hoofd roepen dan van alles door elkaar : Wat een rotweer, wat maakt het uit, een keer niet lopen. Schiet nou op man, dit is de advent nog maar, straks vriest het en ligt er sneeuw. Hoe kom je dan nog weg als je nu al thuisblijft. Eerst het werk, dan de hobby. Ja maar het werkt veel vlotter en beter als ik gelopen heb. The devils workshop is natuurlijk ook altijd open en als het even tegen zit is binnen de kortste keren de actie uit je benen en heerst de leegte in je hoofd. Dan zit er weinig anders op dan het vliegtuig naar Rome te nemen, de benen te strekken op een chaise longue en met een tros druiven binnen handbereik de kerstdagen in toenemende lethargie te slijten. Je kunt het altijd nog tot macroherstelperiode uitroepen, al stond het niet op het schema.

Met de effecten van afwijken van het schema valt het doorgaans mee. Wie ineens minder traint zal daar in eerste instantie zelfs beter van worden, vooral sneller. Het trainingseffect is dan het gevolg van een niet geplande supercompensatie. Mentaal werkt het niet gunstig om in een wedstrijd te lopen met de bagage in je hoofd van een mindere voorbereiding. De wedstrijd had binnen het schema misschien wel het karakter van een voorwedstrijd en dan komt er door te veel rust een beter resultaat. Gewoon blij blijven is dan het handigste. Duurt het volumetekort langer dan een paar weken, dan ga je met een schema wel de fout in. Een goede periodisering houdt immers in dat aspecten van training elkaar opvolgen in de juiste volgorde. Met het overslaan van de duurtraining in de VP-1 heb je er weinig aan om de snelheidstraining volgens het oorspronkelijke plan uit te voeren. Je blessuregevoeligheid neemt toe en daar waar het wel goed gaat, mis je het eindschot.Het effect van minder trainen neemt dus toe naarmate het minder trainen langer duurt. Herstellen van te veel trainen duurt vaak nog langer, het is op termijn schadelijker om te veel te trainen. Vrijwel elk tekort aan training is wel weer te repareren, maar niet door op een ander moment heel veel meer te doen.

Door feedback te ontvangen op verschillende trainingen leer je als trainer ook heel veel. Je starheid als trainer erodeert binnen een landschap van resultaten waarin je de weg steeds beter leert kennen. Hooggekwalificeerde trainers zie je soms rare dingen doen en ook atleten onder elkaar kijken soms door de verkeerde bril. Interessant in dit kader vond ik de discussie die zich ontspon rond Mariska Kramer en haar Berenloop op weg naar de marathon van Philadelphia. Is het wel of niet goed om een marathon te lopen twee weken voor een marathon? In zijn algemeenheid niet. Er kwam kritiek en desondanks een overwinning. Iemand vond dat de discussie daarmee wel gesloten was. Natuurlijk niet, dat is hij nooit en het antwoord komt ook nooit. Wie twee weken na de marathon op Terschelling een andere marathon wint, had met meer reserves misschien nog harder kunnen lopen, bijvoorbeeld 2.29 in plaats van 2.35 met een ticket voor Londen in de bijlage van de uitslagenlijst. Misschien was die Berenloop met interne tempovariatie en een aangepaste eindtijd voor een superduursportster als Marika Kramer wel de meest ideale voorbereiding. Zeker is dat de discussie over trainingsinhoud voorlopig niet voorbij is, dat Mariska het uitstekend gedaan heeft en dat haar trainer goed anticipeert op haar herstelvermogen. Of het nog beter kan, kun je alleen maar weten door het uit te proberen. Vaste concepten werken minder als de verminderde meeropbrengst in zicht is. Soms moet het overdrukventiel open gaan om de juiste spanning voor de dag te toveren. Schematrouw is daarbij belangrijk, een flexibele schemabenadering eveneens. Een op de persoon afgesteld schema is het allerbelangrijkste bij topsport. Tegen de trainer van Mariska kan ik alleen maar zeggen : goed gedaan man.

© hardloopnieuws.nl

 
Mail het artikel "Schematrouw of schematrauma."
       
  Uw naam:  
  Uw email-adres:  
  Email adres geadresseerde:  
  Bericht:
(optioneel)